Duurzame inzetbaarheid

Verzuimpercentage berekenen: gratis calculator, formule en kosten

Iemand rekent met een pen aan geprinte grafieken naast een rekenmachine, een kop koffie en een laptop met een dashboard, bij een raam met uitzicht op de stad in warm zonlicht.

Hoeveel verzuim is er eigenlijk in je organisatie, en wat kost dat? Het verzuimpercentage is het kengetal waar dat gesprek mee begint. Toch rekent lang niet iedereen het op dezelfde manier uit, en een los percentage zegt weinig zolang je niet weet waarmee je het vergelijkt.

In dit artikel rekenen we het samen uit. Met de gratis calculator hieronder heb je je eigen cijfers binnen een minuut. Daarna leggen we de formules uit, laten we zien wat een normaal percentage is en wat verzuim kost, en waar je begint als je het omlaag wilt krijgen. De calculator rekent alles in je browser: je hoeft geen e-mailadres achter te laten en we slaan niets op.

Verzuimpercentage berekenen met de calculator

Vul het aantal medewerkers, de periode en het aantal verzuimdagen in. Heb je ook het aantal ziekmeldingen bij de hand, dan zie je meteen de meldingsfrequentie en de gemiddelde verzuimduur. De kosten rekenen we standaard met 350 euro per verzuimde werkdag. Dat bedrag kun je aanpassen als je je eigen cijfer kent.

Gratis tool

Verzuimcalculator

Vul je eigen cijfers in. De uitkomst rekent direct mee.

Gemiddeld in de periode. Veel deeltijders? Vul het aantal fte in.

Over welke periode tel je de verzuimdagen?

Je telt verzuim in

Alle verzuimdagen van alle medewerkers bij elkaar opgeteld.

Nieuwe ziekmeldingen in de periode, voor de meldingsfrequentie.

Standaard 350 euro per werkdag: een voorzichtige schatting. Met vervanging ligt het gemiddeld rond de 405 euro. Pas het aan als je je eigen bedrag kent.

Verzuimpercentage 5,0%
Jouw organisatie 5,0%
Landelijk (CBS, 2025) 5,4%

Dat is 0,4 procentpunt onder het landelijk gemiddelde. Vergelijk vooral met je eigen sector: die verschillen flink.

Meldingsfrequentie
1,2 meldingen per medewerker per jaar
Gemiddelde verzuimduur
10,8 werkdagen per melding
Verzuimkosten
€ 227.500 per jaar

1 procentpunt minder verzuim scheelt je zo'n € 45.500 per jaar.

Je cijfers blijven in je browser. We slaan niets op.

Zo rekenen we
  • Verzuimpercentage = verzuimdagen ÷ (medewerkers × beschikbare dagen) × 100. Een jaar telt 260 werkdagen of 365 kalenderdagen.
  • Meldingsfrequentie = ziekmeldingen ÷ medewerkers, omgerekend naar een jaar.
  • Gemiddelde verzuimduur = verzuimdagen ÷ ziekmeldingen. Dat is een benadering: strikt genomen tel je alleen verzuimgevallen die in de periode zijn afgesloten.
  • Verzuimkosten = verzuimde werkdagen × kosten per dag. Tel je in kalenderdagen, dan rekenen we eerst om naar werkdagen (× 260/365).

Liever eerst snappen wat er achter de getallen zit? Hieronder lopen we alle formules langs, met een rekenvoorbeeld per stap.

De formule voor het verzuimpercentage

Het verzuimpercentage laat zien welk deel van de beschikbare tijd medewerkers ziek waren. De formule is eenvoudig:

Verzuimpercentage = verzuimdagen ÷ (aantal medewerkers × beschikbare dagen per medewerker) × 100

De verzuimdagen zijn alle ziektedagen van alle medewerkers in de periode bij elkaar opgeteld. De beschikbare dagen zijn de dagen waarop iemand had kunnen werken: in een jaar zijn dat ongeveer 260 werkdagen, of 365 kalenderdagen als je in kalenderdagen telt. Het CBS rekent verzuim van langer dan een jaar mee, maar zwangerschaps- en bevallingsverlof niet (CBS).

Een rekenvoorbeeld

Je organisatie heeft 50 medewerkers. Samen waren ze dit jaar 650 werkdagen ziek. Per medewerker zijn er 260 werkdagen beschikbaar, dus in totaal 50 × 260 = 13.000 werkdagen. Het verzuimpercentage is dan 650 ÷ 13.000 × 100 = 5,0 procent. Met andere woorden: van alle tijd die je organisatie had kunnen werken, ging een twintigste deel verloren aan ziekte.

Rekenen met deeltijders

Werken er veel mensen in deeltijd, reken dan niet in personen maar in fte. Verzuimbenchmark Vernet doet dat ook: die zet de ziektedagen af tegen het aantal dienstverbanddagen, rekening houdend met de parttime-factor (Vernet). Zo voorkom je dat tien deeltijders met een halve werkweek even zwaar meetellen als tien voltijders, en blijft je percentage vergelijkbaar met andere organisaties.

Werkdagen of kalenderdagen?

Je kunt verzuim in werkdagen tellen of in kalenderdagen. Allebei is gangbaar: het CBS definieert het verzuimpercentage als het totaal aantal ziektedagen van de werknemers, in procenten van het totaal aantal beschikbare werk- of kalenderdagen (CBS).

Het goede nieuws: het percentage komt in beide gevallen ongeveer even hoog uit. Je telt immers zowel de verzuimdagen als de beschikbare dagen op dezelfde manier. Wie in kalenderdagen telt, rekent een week ziekte als 7 dagen op 365; wie in werkdagen telt, als 5 dagen op 260. Dat scheelt nauwelijks.

Waar het wel misgaat, is als je de twee door elkaar gebruikt. Bijvoorbeeld verzuimdagen uit een systeem dat in kalenderdagen telt, gedeeld door 260 werkdagen. Dan komt je percentage zo’n 40 procent te hoog uit, want 365 gedeeld door 260 is 1,4. Kies dus één telwijze, noteer welke, en houd die vast. Vergelijk je met een benchmark, check dan welke telwijze die gebruikt.

Meldingsfrequentie berekenen

Het verzuimpercentage vertelt hoeveel tijd er verloren gaat, maar niet hoe dat komt. Vijf procent verzuim kan betekenen dat één medewerker het hele jaar ziek was, of dat veel mensen vaak een paar dagen thuisbleven. Om dat verschil te zien, kijk je naar de meldingsfrequentie: hoe vaak meldt een medewerker zich gemiddeld per jaar ziek.

Meldingsfrequentie = aantal ziekmeldingen in een jaar ÷ gemiddeld aantal medewerkers

In ons voorbeeld zijn er dit jaar 60 ziekmeldingen bij 50 medewerkers. De meldingsfrequentie is dan 60 ÷ 50 = 1,2. Gemiddeld meldt iedere medewerker zich dus iets meer dan één keer per jaar ziek.

Reken je over een kwartaal of een maand, vermenigvuldig dan met 4 of 12 om naar een jaar om te rekenen. De calculator doet dat automatisch.

Wat een hoge of lage meldingsfrequentie zegt

Een hoge meldingsfrequentie met veel kort verzuim is vaak een signaal dat er meer speelt dan griep alleen. Denk aan werkdruk, weinig plezier in het werk, onduidelijke afspraken of zorgen thuis. Juist kort, frequent verzuim is een goed moment voor een gesprek, voordat het uitgroeit tot iets groters.

Een lage meldingsfrequentie met toch een hoog verzuimpercentage wijst de andere kant op: weinig mensen, maar die zijn lang weg. Dat zie je vaak bij psychische klachten zoals overspannenheid en burn-out, die zich langzaam opbouwen en lang duren.

Gemiddelde verzuimduur

Het derde kengetal is de gemiddelde verzuimduur: hoe lang duurt een ziekmelding gemiddeld?

Gemiddelde verzuimduur = verzuimdagen van afgesloten ziekmeldingen ÷ aantal afgesloten ziekmeldingen

Strikt genomen tel je alleen de ziekmeldingen die in de periode zijn afgesloten, dus waarvan de medewerker weer volledig aan het werk is (Vernet). Van lopende gevallen weet je de duur nog niet. De calculator rekent met een benadering: alle verzuimdagen gedeeld door alle ziekmeldingen. In ons voorbeeld is dat 650 ÷ 60 = ongeveer 10,8 werkdagen per melding.

Met de drie kengetallen samen zie je het patroon: hoeveel tijd er verloren gaat (percentage), hoe vaak mensen uitvallen (frequentie) en hoe lang (duur).

De 4 soorten verzuim

Verzuim wordt vaak ingedeeld naar hoe lang het duurt: kort, middellang, lang en extra lang. Er is alleen geen vaste indeling; de grenzen verschillen per bron. Twee veelgebruikte naast elkaar:

Soort verzuimVolgens VernetVolgens a.s.r.Wat het vaak zegt
Kort1 tot en met 14 dagen7 dagen of minderGriep en korte klachten. Veel kort verzuim kan ook wijzen op werkdruk of weinig werkplezier.
Middellang15 tot en met 91 dagenlanger dan een week, korter dan zes wekenSerieuzere klachten, zoals een blessure of een eerste fase van overbelasting.
Lang92 tot en met 365 dagenlanger dan zes wekenVaak psychische klachten of ernstige lichamelijke aandoeningen. Hier zitten de meeste kosten.
Extra lang366 tot en met 730 dagengeen aparte klasseLangdurige uitval waarbij re-integratie en de Wet verbetering poortwachter centraal staan.

Daarnaast noemt a.s.r. frequent verzuim als aparte soort: iemand die zich vaak ziek meldt, los van hoe lang (a.s.r.). Kies voor je eigen rapportage één indeling en houd die vast.

Het aantal ziekmeldingen zit vooral in het korte verzuim: griep, verkoudheid of een andere virusinfectie was in 2025 de reden voor 55 procent van de werknemers die verzuimden (CBS). Maar één langdurige uitval weegt in dagen al snel zwaarder dan tientallen korte. Wie alleen op het aantal meldingen stuurt, mist dus het duurste deel.

Wat is een normaal verzuimpercentage?

Over heel 2025 was het ziekteverzuim in Nederland 5,4 procent, iets hoger dan een jaar eerder en de eerste stijging na twee jaar daling (CBS). In het tweede kwartaal van 2026 lag het volgens de voorlopige cijfers ook op 5,4 procent.

Dat landelijke gemiddelde is een handig ijkpunt, maar vergelijk vooral met je eigen sector. De verschillen zijn groot:

BedrijfstakVerzuimpercentage 2025
Gezondheids- en welzijnszorg7,5%
Schoonmaakbedrijven7,1%
Waterbedrijven en afvalbeheer6,8%
Openbaar bestuur en overheidsdiensten6,4%
Vervoer en opslag6,4%
Industrie6,2%
Onderwijs5,7%
Alle bedrijfstakken5,4%
Handel4,9%
Bouwnijverheid4,8%
Cultuur, sport en recreatie4,3%
Financiële dienstverlening4,0%
Informatie en communicatie3,9%
Specialistische zakelijke diensten3,5%
Landbouw, bosbouw en visserij3,3%
Horeca3,2%

Bron: CBS StatLine, definitieve cijfers 2025.

Binnen de zorg ligt het nog hoger: in de verpleging en zorg met overnachting was het verzuim 8,8 procent. Ook de grootte van je organisatie telt. Bij organisaties met minder dan 10 werkzame personen was het verzuim in 2025 2,6 procent, bij 10 tot 100 personen 4,7 procent en bij 100 of meer 6,3 procent.

Gebruik het landelijke cijfer dus als richting, en je eigen cijfer van vorig jaar als belangrijkste vergelijking: gaat het de goede kant op? Let daarbij op het seizoen. In de winter wordt meer verzuimd dan in de zomer (CBS), dus vergelijk een kwartaal met hetzelfde kwartaal een jaar eerder.

Verzuimkosten berekenen

Verzuim kost geld, ook als je het niet direct op een factuur terugziet. De kosten bestaan grofweg uit vier delen:

  • Loondoorbetaling. Bij ziekte betaal je maximaal twee jaar het loon door, minimaal 70 procent van het brutoloon. In het eerste jaar vul je dat aan tot het minimumloon (Ondernemersplein).
  • Vervanging. Inhuur, uitzendkrachten of overuren van collega’s om het werk op te vangen.
  • Productieverlies. Werk dat blijft liggen, opdrachten die later worden opgeleverd, en de tijd die een nieuwe kracht nodig heeft om in te werken.
  • Begeleiding en re-integratie. De bedrijfsarts, een casemanager, re-integratietrajecten en de tijd die leidinggevenden kwijt zijn aan gesprekken en dossiervorming.

Wat een verzuimdag kost, verschilt per organisatie. Verzuimverzekeraar Sazas rekent op basis van MKB Servicedesk met gemiddeld 405 euro per dag: 191 euro voor vervanging, 153 euro loondoorbetaling, 43 euro omzetverlies, 10 euro arbodienstverlening en 8 euro interne begeleiding (Sazas). Vervang je niemand, dan ligt het bedrag lager. In de calculator rekenen we daarom standaard met een voorzichtige 350 euro per verzuimde werkdag, in lijn met ons artikel over de kosten van een burn-out.

Een rekenvoorbeeld

Terug naar de organisatie met 50 medewerkers en 650 verzuimdagen per jaar. Bij 350 euro per verzuimde werkdag kost het verzuim 650 × 350 = 227.500 euro per jaar.

Draai je het om, dan zie je wat verbetering oplevert. Eén procentpunt verzuim staat voor 1 procent van alle werkdagen: bij 50 medewerkers 50 × 260 × 0,01 = 130 werkdagen. Lukt het om je verzuim van 5 naar 4 procent te krijgen, dan scheelt dat 130 × 350 = 45.500 euro per jaar. Voor de meeste organisaties is dat meer dan genoeg om een serieuze preventieaanpak van te betalen.

Psychisch verzuim: het duurste deel

Psychische klachten komen minder vaak voor dan griep, maar duren veel langer. Psychische klachten, overspannenheid of een burn-out werden in 2025 genoemd door 9 procent van de werknemers met verzuim (CBS). Toch staat één op de vier verzuimdagen in verband met stress, en wie door stress uitvalt, is gemiddeld 252 dagen niet of niet volledig inzetbaar. Bij een burn-out loopt dat op tot zo’n tien maanden. In vijf jaar tijd groeide het verzuim door stress met 36 procent (ArboNed).

Dat maakt psychisch verzuim tot een van de duurste vormen van verzuim. Een hoog verzuimpercentage met een lage meldingsfrequentie is vaak een teken dat juist dit soort langdurige uitval meespeelt. In ons artikel over de oorzaken van burn-out lees je welke werkfactoren daaraan bijdragen, en in Burn-out voorkomen als werkgever hoe je er stap voor stap op stuurt.

Wat de uitkomst voor jou betekent

Hetzelfde getal vraagt om een andere reactie, afhankelijk van waar je zit.

Als HR-professional of directie is het verzuimpercentage je stuurgetal. Reken het elk kwartaal uit, leg het naast hetzelfde kwartaal vorig jaar en naast je sector, en kijk in welke teams het afwijkt. Gebruik de kosten in de calculator om de business case voor preventie concreet te maken: één procentpunt minder verzuim levert vaak meer op dan een programma kost.

Als leidinggevende zie je vooral het gedrag achter de cijfers. Een stijgende meldingsfrequentie in je team is een signaal om in gesprek te gaan, niet om te controleren. Vraag wat er speelt, en luister naar wat er over werkdruk en samenwerking wordt gezegd. Een goed verzuimgesprek gaat over wat iemand nodig heeft om gezond te blijven werken.

Als medewerker is het goed om te weten dat het verzuimpercentage gaat over de organisatie, niet over jou. Het helpt je werkgever om te zien waar de druk zit. Merk je zelf dat je vaker uitvalt of steeds moeilijker herstelt van drukke periodes, neem dat serieus en bespreek het op tijd, voordat het langdurig wordt.

Verzuim terugdringen: waar begin je?

Een verzuimcijfer is pas waardevol als je er iets mee doet. Vijf stappen die in de praktijk werken:

  1. Meet en volg het. Reken je verzuimpercentage, meldingsfrequentie en verzuimduur elk kwartaal uit, bijvoorbeeld met de calculator hierboven. Zo zie je een trend in plaats van een momentopname.
  2. Kijk naar het patroon. Gaat het om veel kort verzuim of om weinig lang verzuim? En zit het in alle teams of in een paar? Het patroon bepaalt de aanpak.
  3. Voer het gesprek. Bij kort, frequent verzuim helpt een tijdig gesprek over wat er speelt. Leidinggevenden die dat goed doen, voorkomen dat klachten uitgroeien tot langdurige uitval. De Week van de Werkstress in november is een goed moment om daarmee te beginnen.
  4. Pak de oorzaken aan. Werkdruk, onduidelijke rollen en een gebrek aan steun zijn bekende oorzaken van uitval. Psychosociale arbeidsbelasting hoort in je risico-inventarisatie, en daar hoort een plan van aanpak bij.
  5. Investeer in veerkracht. Je kunt niet alle druk wegnemen, wel de veerkracht van je mensen versterken. Een veerkrachtmeting laat per team zien waar het risico op uitval zit, nog voordat iemand zich ziek meldt.

Veelgemaakte rekenfouten

  • Werkdagen en kalenderdagen door elkaar. Verzuimdagen in kalenderdagen gedeeld door werkdagen geeft een percentage dat zo’n 40 procent te hoog uitvalt.
  • Deeltijd niet meewegen. Reken met fte als veel mensen in deeltijd werken, anders vergelijk je appels met peren.
  • Zwangerschapsverlof meetellen. Zwangerschaps- en bevallingsverlof hoort niet in je verzuimcijfer; het CBS telt het ook niet mee.
  • Een kwartaal vergelijken met een jaar. Verzuim is seizoensgevoelig: in de winter wordt meer verzuimd. Vergelijk een kwartaal met hetzelfde kwartaal vorig jaar.
  • Lopend verzuim in de verzuimduur. Voor de gemiddelde duur tel je strikt genomen alleen afgesloten ziekmeldingen. Lopende gevallen trekken het gemiddelde anders omlaag.
  • Vergelijken met de verkeerde benchmark. Een zorgorganisatie met het landelijk gemiddelde vergelijken zegt weinig. Vergelijk met je eigen sector en met je eigen cijfer van vorig jaar.

Tot slot

Het verzuimpercentage is snel uitgerekend, maar het echte inzicht zit in de combinatie met meldingsfrequentie, verzuimduur en kosten. Pas dan zie je of je te maken hebt met veel kort verzuim of met langdurige uitval, en wat dat je organisatie werkelijk kost. Reken het regelmatig uit, vergelijk met je sector en met jezelf, en gebruik het als startpunt voor het gesprek over werkdruk en veerkracht.

Wil je weten waar in jouw organisatie het risico op uitval zit, nog voordat het in je verzuimcijfers terechtkomt? Begin bij de VeerkrachtScan of lees meer over onze aanpak.

Bronnen

Veelgestelde vragen

Hoe bereken je het verzuimpercentage?

Deel het totaal aantal verzuimdagen door het aantal beschikbare dagen van al je medewerkers samen, en vermenigvuldig met 100. Voorbeeld: 50 medewerkers met samen 650 verzuimdagen in een jaar van 260 werkdagen geven 650 gedeeld door 13.000, maal 100, is 5,0 procent.

Wat is een normaal verzuimpercentage?

Over heel 2025 was het ziekteverzuim in Nederland 5,4 procent (CBS). Het verschilt sterk per sector, van 3,2 procent in de horeca tot 7,5 procent in de gezondheids- en welzijnszorg. Ook de grootte telt: organisaties met minder dan 10 werkzame personen zaten op 2,6 procent, organisaties met 100 of meer op 6,3 procent. Vergelijk dus vooral met je eigen sector en met je eigen cijfer van vorig jaar.

Wat is het verschil tussen verzuimpercentage en meldingsfrequentie?

Het verzuimpercentage zegt welk deel van de beschikbare tijd er verzuimd is. De meldingsfrequentie zegt hoe vaak medewerkers zich gemiddeld per jaar ziek melden. Samen laten ze zien of je verzuim vooral uit veel korte of uit weinig lange ziekmeldingen bestaat.

Reken je met werkdagen of kalenderdagen?

Allebei kan: het CBS spreekt van beschikbare werk- of kalenderdagen. Beide telwijzen geven ongeveer hetzelfde percentage, zolang je verzuimdagen en beschikbare dagen op dezelfde manier telt. Kies er een en houd die vast.

Wat kost een dag verzuim?

Dat verschilt per organisatie. Verzuimverzekeraar Sazas rekent op basis van MKB Servicedesk met gemiddeld 405 euro per dag, waarvan 191 euro voor vervanging en 153 euro loondoorbetaling. Vervang je niemand, dan ligt het lager. In onze calculator rekenen we daarom standaard met een voorzichtige 350 euro per verzuimde werkdag.

Wat zijn de 4 soorten verzuim?

Meestal bedoelt men kort, middellang, lang en extra lang verzuim, ingedeeld naar duur. De grenzen verschillen per bron. Verzuimbenchmark Vernet hanteert 1 tot en met 14 dagen, 15 tot en met 91, 92 tot en met 365 en 366 tot en met 730 dagen. Verzekeraar a.s.r. noemt alles tot een week kort en alles boven zes weken langdurig, en ziet frequent verzuim als aparte soort.

Aan de slag

Klaar om te investeren in veerkracht?

Ontdek wat ADAPT voor jullie kan betekenen. Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek of bekijk onze producten.

Neem contact op